Nieuwe Steentijd (Neolithicum)


Hunebedden
Graven van steen. In Westerveld: één bij Diever en twee in het natuurgebied bij Havelte.
Er waren er nog twee in de regio: het Pottiesbargien op het Landgoed Berkenheuvel nabij Diever en een op het Landgoed De Eese dat aansluit bij het Westerveldse Nijenslekerveld.
 
 
Vijfduizend jaar oud en behorende tot de Trechterbekercultuur. In 1734 vaardigden de Drost en Gedeputeerden van Drenthe een resolutie uit waarbij de hunebedden beschermd werden. Waarschijnlijk de eerste monumentenwet van Nederland en Noordwest-Europa.

 

 Hunebedden D52 (Diever), D53 en D54 (Havelte), foto’s winter 2015
 
Steenkist
Tijdens de trechterbekercultuur werd in Diever op zeer korte afstand van het Hunebed een zogenaamde steenkist gebouwd.
De ‘kist’ was deels bedekt met een laag heuveltje van ca 5,5 m x 3 m. Er was een stenen vloer en de hoogte van de kelder was ongeveer 50 cm. Men trof vijf trechterbekers, een schaal, een zuigflesje, bijlen, pijlpunten en een barnstenen kraal aan.
Veel wijst op een bijzetting. Aan de rand van de heuvel lag een kindergraf met als gift een zuigflesje. Duizend jaar later – ten tijde van de klokbekercultuur – werd op dezelfde plaats weer een graf aangelegd in de opgehoogde heuvel. De steenkist werd in 1929 door Professor Van Giffen  opgegraven.
 
Bron: Rijksuniversiteit Groningen, Groninger Instituut voor Archeologie
Bliksem of donderstenen
“Al sedert oude tijden heeft men stenen gekend, die uit den dampkring op de aarde waren gevallen, en aan welke men daarom een hoge verering wijdde. Vóór meer dan 2000 jaren vereerden de Grieken een beroemden steen, uit de hemel in de rivier Aegos gevallen”.
De archeoloog Dr. Albert Egges van Giffen vond in een opgegraven grafkelder bij Diever (Drenthe), die omstreeks 4000 jaren oud zal zijn, een zware metalen kogel ter grootte van een stuiter, die waarschijnlijk als een amulet werd beschouwd tot bezwering van boze invloeden en aan de gestorvene in het graf was meegegeven.
Dit is blijkbaar een uit den hemel gevallen meteoor-steen. Veelal noemden natuurbeschrijvers dergelijke stenen bliksem-stenen of donderstenen, omdat men zich voorstelde, dat ze door de bliksem naar de aarde waren geslingerd.
Op de tekening van de Steenkistgraf hieronder ligt in het midden een kleine ronde steen.
Tekening Steenkistgraf